Zo werken ze
Een lucht-water warmtepomp heeft een buitenunit die warmte uit de lucht haalt. Die warmte gaat naar het water van je verwarming. Dit is de meest geplaatste variant in woningen. De unit staat buiten, of er is een binnenunit met buitenlucht.
Een bodemwarmtepomp haalt warmte uit de grond via een bron of lussen in de bodem. Daarvoor is een boring of graafwerk nodig. Er is dan geen buitenunit met ventilator. Wel is er meer voorbereiding en vergunning-werk.
Wat het kost
De Consumentenbond noemt voor een all-electric warmtepomp een bereik van € 8.000 tot € 16.000. Voor een bodem-water warmtepomp is dat € 15.000 tot € 30.000. Milieu Centraal rekent met € 12.000 voor een all-electric 8 kW lucht-water en € 30.000 voor een 8 kW met bodembron.
Bij een bodembron is de subsidie hoger. Milieu Centraal noemt € 4.425 voor een 8 kW warmtepomp met bodembron, tegenover € 3.025 voor een lucht-water variant. Het verschil in prijs is groter dan het verschil in subsidie.
Wanneer kies je wat?
Lucht-water is voor de meeste woningen de praktische keuze. Het is minder werk, goedkoper en sneller te plaatsen. Let wel op het geluid van de buitenunit en de plek.
Een bodemwarmtepomp kan interessant zijn bij een grote kavel of nieuwbouw, of als je zeker lang blijft wonen. Het rendement hangt af van de bodem en de ontwerpkeuzes. Ik noem hier geen rendementscijfers, omdat die per project verschillen.
Vraag in beide gevallen een uitgewerkte offerte. Laat de installateur ook de bijkomende kosten noemen, zoals boorwerk, vergunningen en herstel van de tuin bij een bodemsysteem.